Een groeimarkt

De woningmarkt in cijfers

Het aantal woningen in België

België telde op 1 januari 2021 4.590.838 gebouwen. Sinds 1995 is het aantal gebouwen in België met 15% gestegen. Het aantal woningen is in dezelfde tijdspanne met 27% toegenomen tot 5.631.637.

In het Vlaams Gewest zijn er 29% meer woningen en 16% meer gebouwen.

In het Waals Gewest zijn er 26% meer woningen en 15% meer gebouwen.

In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest valt de toename van het aantal gebouwen in vergelijking met de twee andere gewesten lager uit (+1%), maar het woningenbestand is er wel met 19% toegenomen.

De leeftijd van de gebouwen verschilt sterk van gewest tot gewest. In Vlaanderen is 33% van de gebouwen na 1981 opgetrokken, terwijl dat in Wallonië 22% bedraagt en in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest slechts 7%.

(Bron: StatBel)

Stijgende prijzen voor residentieel vastgoed

Een woonhuis in ons land kostte in het eerste trimester van 2021 gemiddeld 281.705 euro. Dat is een prijsstijging van 1,7 procent tegenover het jaargemiddelde van 2020. Daarmee stijgen de huizenprijzen sneller dan de inflatie.

Het Belgische gemiddelde verbergt grote regionale verschillen. De gemiddelde prijs van een woonhuis in Vlaanderen bedroeg 314.360 euro tegenover 208.333 euro in Wallonië en 483.970 euro in Brussel. Of nog: de gemiddelde huisprijs ligt in Brussel ruim dubbel zo hoog als in Wallonië en een Vlaams huis is ruim 50 procent duurder dan een Waals huis.

De laatste vijf jaar steeg de gemiddelde prijs van een woonhuis in België met 20,4 procent. De appartementen laten over dezelfde periode een vergelijkbare gemiddelde prijsstijging zien: +19,7 procent. Filter je de inflatie eruit, dan ligt de reële prijsstijging van residentieel vastgoed tussen 13 en 14 procent.

(Bron: Business AM)

Residentiële vastgoedinvesteringen

Na de kantorenmarkt, is het residentiële segment het grootste marktsegment op vlak van investeringen in België. Ook senior living doet het goed. De top 5: kantoren (4,1 miljard EUR), residentieel (1,59 miljard EUR), logistiek (1,25 miljard EUR), senior living (919 miljoen EUR) en hotels (647 miljoen EUR).

Het residentiële segment scoort ook zeer goed in de Investor Survey 2021 op vlak van optimisme van beleggers. Enkel in het logistieke segment is het optimisme nog groter.

(Bron: CBRE)

Zorgvastgoed moet nog pieken

De komende jaren komt de vergrijzing van de Belgische bevolking in een stroomversnelling. Volgens de demografische vooruitzichten van het Federaal Planbureau zal het aantal 65-plussers tussen 2020 en 2030 met bijna 460.000 toenemen, het daarop volgende decennium met nog eens 330.000. In 2040 zal bijna één op vier Belgen ouder zijn dan 65. In principe leidt dat tot een grote potentiële vraagtoename voor huisvesting gericht op ouderen.

De voorbije jaren zorgde die al voor een substantiële capaciteitsuitbreiding van assistentiewoningen en voorzieningen in woonzorgcentra. De ruime interesse vanwege investeerders en projectontwikkelaars in dit soort woningen deed in de sector zelfs al een overaanbod ontstaan. Een belangrijke reden is dat ouderen alsmaar langer gezond blijven en de eerste zorgnoden vaker opvangen via thuisverpleging. Daardoor lag de effectieve nood aan woonvoorzieningen gericht op zorg totdusver lager dan aanvankelijk werd ingeschat.

(Bron: KBC)

Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie 2050

Op vrijdag 29 mei 2020 keurde de Vlaamse Regering op initiatief van minister Demir de Vlaamse langetermijnrenovatiestrategie voor gebouwen 2050 goed.

Eind 2019 keurde de Vlaamse Regering reeds een algemene Vlaamse Klimaatstrategie 2050 goed. Daarin is het streefdoel opgenomen om de broeikasgasemissies van de niet-ETS sectoren (dit omvat naast de gebouwen ook nog de sectoren mobiliteit, landbouw en niet-ETS industrie)  te reduceren met 85% tegen 2050 (ten opzichte van 2005), met de ambitie om zo snel mogelijk na 2050 te evolueren naar volledige klimaatneutraliteit.
Deze langetermijnstrategie voor gebouwen is een verdere uitwerking van de algemene Vlaamse Klimaatstrategie 2050, specifiek gericht op het reduceren van het energiegebruik en de broeikasgasemissies naar aanleiding van de verwarming van de Vlaamse gebouwen. Dit omvat zowel de woongebouwen als de niet-woongebouwen (kantoren, scholen, ziekenhuizen,…).

De Vlaamse Klimaatstrategie 2050 stelt voor de gebouwen een reductie van de broeikasgasemissies met meer dan 80% voorop ten opzichte van vandaag. Voor de woongebouwen komt dit neer op een reductie met bijna 75%, terwijl voor de niet-woongebouwen naar koolstofneutraliteit gestreefd wordt tegen 2050.

(Bron: Vlaamse Overheid)

Strategie voor woongebouwen

Om de ambitieuze doelstellingen uit de Klimaatstrategie te realiseren moeten bestaande woongebouwen uiterlijk in 2050 een vergelijkbaar energieprestatieniveau halen als nieuwbouwwoningen met vergunningsaanvraag in 2015. Deze langetermijndoelstelling betekent dat tegen 2050 het gemiddelde EPC-kengetal van het volledige woningenpark wordt verlaagd met 75%. Op de gehanteerde EPC-schalen met energielabels (A tot F), komt dit overeen met het label A (EPC-energiescore 100). Deze doelstelling wordt nog verder gedifferentieerd naar woningtypologie.

Op basis van data uit de EPC-databank wordt vastgesteld dat op dit moment ongeveer 3,5% van het bestaande woningenpark van bijna 3 miljoen woningen (huizen en appartementen) voldoet aan dit streefdoel. Er moeten dus nog 2,9 miljoen woningen evolueren naar de doelstelling 2050 (96,5% van het woningenbestand). Om dit te verwezenlijken legt de strategie een sterk accent op grondige renovaties op sleutelmomenten zoals aankoop van een woning, erfenis, huurderswissel,…. Maar ook buiten deze sleutelmomenten blijft het verhogen van de renovatiegraad een permanente noodzaak.

(Bron: Vlaamse Overheid)